De meeste kinderen eten niet genoeg groenten. Verbetert het aanbieden van een warme maaltijd op school met meer groenten de situatie? Dat zou je denken, maar het is verre van eenvoudig…
De consumptie van groenten verhogen is een belangrijk voedingsdoel, zowel voor kinderen als volwassenen, voor een gezondere voeding. Maar groenten vallen bij kinderen niet spontaan in de smaak; zij geven de voorkeur aan voedingsmiddelen met een hogere energiedichtheid, die zoet en/of vetrijk zijn. Alles wat ertoe kan bijdragen dat groenten een vaste plaats krijgen in het voedingspatroon van het kind, is dan ook welkom. Om dit te bereiken, is het onder andere belangrijk dat het kind meerdere keren aan een bepaalde groente wordt blootgesteld om de barrière van voedselneofobie te overwinnen.
Schoolmaaltijden worden erkend als een middel om bij te dragen aan een evenwichtige voeding. Gratis schoolmaaltijden helpen bijvoorbeeld om voedselonzekerheid tegen te gaan, vooral bij kwetsbare bevolkingsgroepen. Maar kunnen schoolmaaltijden er ook voor zorgen dat kinderen meer groenten eten, in vergelijking met kinderen die geen warme maaltijden op school eten? Dat is de hypothese die door Nederlandse onderzoekers is geformuleerd en die in deze studie, gepubliceerd in het tijdschrift Appetite, is getoetst.
Lees ook: Locatie in winkel beïnvloedt aankoop groenten en fruit
De lunch van kinderen bevat te weinig groenten
Vertrekkende van de vaststelling dat Nederlandse kinderen tijdens de lunch gemiddeld amper 8 gram groenten eten, kwamen de onderzoekers op het idee voor hun plan: het doel was om op school een warm middagmaal aan te bieden dat rijk is aan groenten. De schoolomgeving wordt namelijk beschouwd als een bevoorrechte plek met een unieke kans om de gezondheid van het kind te bevorderen door middel van voorlichting over gezonde voeding en programma’s die een evenwichtig voedingsaanbod op school stimuleren.
Het onderzoek werd uitgevoerd onder kinderen van 7 tot 13 jaar die naar drie basisscholen in Nederland gingen. Leerlingen van dezelfde leeftijd van drie andere basisscholen fungeerden als controlegroep. Er werd een voorbereidingsperiode van drie weken ingelast om te testen hoe het in de praktijk zou zijn om maaltijden in de klas te serveren, de kinderen de tijd te geven om te eten en vervolgens de restjes te verzamelen en te wegen om de consumptie te meten. De geleverde maaltijden wogen elk 300 g, waarvan 50 tot 150 g groenten.
Om de interventie te promoten, werden posters van “groentesuperhelden” in de klassen opgehangen. Ook werd de leerkrachten gevraagd om de inhoud van de maaltijd in de klas te bespreken, zonder dat dit echter verplicht was.
Lees ook: Maakt de angst voor vet kinderen dik?
Kinderen minder enthousiast over extra groenten
In tegenstelling tot wat men zou hebben gedacht of gehoopt, is dit experiment geen succes gebleken om de groenteconsumptie bij kinderen duurzaam te verhogen. De onderzoekers zagen geen significant verschil tussen de groep die wel en de groep die niet aan meer groenten werd blootgesteld, noch wat betreft cognitieve vaardigheden, welzijn, voedselneofobie, eetcultuur, noch wat betreft het gehalte aan carotenoïden in de huid. Erger nog: in vergelijking met vóór de interventie bleek er na de interventie sprake te zijn van een afname van voedselneofobie in de controlegroep, maar niet in de interventiegroep. En de waardering voor de maaltijden bleek negatief gecorreleerd te zijn met voedselneofobie. Met andere woorden: de kinderen genoten minder van de maaltijden met extra groenten…
Op zoek naar de redenen voor hun bevindingen zien de onderzoekers verschillende mogelijkheden: onvoldoende voedselinname als gevolg van een lage acceptatie, sociale dynamiek en het onbekende karakter van warme maaltijden in verband met de cultuur.
Ze concluderen dat toekomstige programma’s zich moeten richten op een geleidelijke kennismaking met nieuwe maaltijdvormen. Kortom: groenten kun je niet zomaar opdringen!
Lees ook: Groenten mogen kiezen doet wonderen bij kinderen
Van Lier I et al. Appetite, Available online 11 August 2026. 10.1016/j.appet.2026.108739
Bron