Het risico op postpartum gewichtsretentie en obesitas bij het kind wordt beïnvloed door de aard van de geconsumeerde eiwitten tijdens de zwangerschap. Dit rapporteert deze studie, die werd uitgevoerd bij een groot cohort in Denemarken.
De zwangerschap is een moment waarop de voeding specifieke aandacht verdient. Allereerst voor het ongeboren kind, voor wie we de invloed van de voeding in het intra-uteriene leven, en de impact die dit later in het leven kan hebben, steeds beter begrijpen. Ten tweede voor de moeder, onder meer omdat de zwangerschap voor veel vrouwen een cruciale fase is in de toename van gewicht dat daarna nooit meer verloren gaat.
Het was al bekend dat een overmatige eiwitinname tijdens de vroege kinderjaren gepaard gaat met een vroegere terugkeer naar overgewicht, wat op zijn beurt weer verband houdt met een verhoogd risico op obesitas op latere leeftijd.
Meer recentelijk is de eiwitinname van de (aanstaande) moeder tijdens de zwangerschap ook in verband gebracht met het risico op overgewicht en obesitas bij het kind, maar dan in omgekeerde verhouding. Een hoge eiwitinname tijdens de zwangerschap is daarentegen wel in verband gebracht met een verhoogd risico op overgewicht en obesitas bij het kind… Dat stelt ons voor een lastige keuze!
Lees ook: Dierlijke en plantaardige eiwitten: in welke verhouding?
Eiwitten & postpartum gewichtsretentie
Moeten we hieruit concluderen dat een hoge eiwitinname tijdens de zwangerschap goed is voor het gewicht van de moeder, maar slecht voor dat van het kind? Dat lijkt af te hangen van het soort eiwitten…
Dat is precies wat deze studie, gepubliceerd in het American Journal of Clinical Nutrition, aantoont. De onderzoekers keken naar het voedingspatroon van bijna 60.000 zwangere vrouwen uit de Danish National Birth Cohort (1996-2002). Ze hebben deze gegevens – in dit geval over eiwitbronnen – vergeleken met postpartum gewichtsretentie (PPWR) van meer dan 5 kg na 6-18 maanden, evenals met overgewicht en obesitas bij kinderen op de leeftijd van 7-11 jaar.
Een PPWR > 5 kg kwam voor bij meer dan één op de vijf vrouwen (22,1 %). Bij de nakomelingen bedraagt het percentage met overgewicht of obesitas 19 %. De resultaten laten zeer uiteenlopende verbanden zien, afhankelijk van de eiwitbronnen, waarbij in de eerste plaats een onderscheid wordt gemaakt tussen plantaardige en niet-plantaardige eiwitbronnen.
Lees ook: Voedselallergieën: een kwestie van eiwitten
Meer plantaardige eiwitten, gevogelte en vis
Concreet vertonen vrouwen met de hoogste inname van plantaardige eiwitten tijdens de zwangerschap een daling van 14% in het relatieve risico op PPWR. Een afname van het risico op PPWR wordt ook waargenomen bij de eiwitinname uit granen (- 13 %) en peulvruchten en noten (- 7 %). De vergelijkingen hebben betrekking op het hoogste en het laagste kwintiel voor de eiwitinname.
Daarentegen gaat een hogere eiwitinname uit rood vlees gepaard met een verhoogd risico op PPWR van 6 %, en van 11 % voor melkeiwitten. Dit geldt echter niet voor alle bronnen van dierlijke eiwitten: gevogelte en vis gaan gepaard met een afname van PPWR van respectievelijk 5 % en 7 %.
Wat betreft overgewicht/obesitas bij kinderen gaat een hoge inname van dierlijke eiwitten gepaard met een toename van het relatieve risico van 12 %. Deze toename van het risico bedraagt 6 % voor rood vlees en 11 % voor zuiveleiwitten. Eiwitten uit gevogelte daarentegen worden in verband gebracht met een afname van het relatieve risico met 5%, en eiwitten uit vis met een afname van het risico met 7%.
Dit onderzoek kan geen causaal verband aantonen, maar pleit wel voor een groter aandeel plantaardige eiwitten tijdens de zwangerschap en, wat dierlijke eiwitten betreft, een groter aandeel gevogelte en vis.
Lees ook: Voeding tijdens de zwangerschap en humane melkoligosacchariden
Zhang H et al. Am J Clin Nutr 2026 (in pess). DOI: 10.1016/j.ajcnut.2026.101508
Bron